Onderzoek HBSC 2025: Zorgen over jongeren groeien

Aicha Chabbi
5 oktober 2026

Onlangs kwam het nieuwste HBSC-onderzoek uit en vooral de dalende acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren haalde het nieuws. Maar hoe groot is die daling precies? En wat vertelt dit onderzoek nog meer over het welzijn en het dagelijks leven van jongeren? We duiken in de cijfers en zetten opvallende ontwikkelingen uit het onderzoek voor je op een rij.

Het onderzoek in het kort

Het HBSC-onderzoek (Health Behaviour in School-aged Children) brengt sinds 2001 iedere vier jaar de gezondheid en het welzijn van jongeren in Nederland in beeld. Aan het onderzoek doen leerlingen uit groep 8 van de basisschool en jongeren van 12 tot en met 16 jaar in het voortgezet onderwijs mee. In het najaar van 2025 deden meer dan 6.600 jongeren mee. Zij vulden op school een vragenlijst in over onder andere school, mentale gezondheid, beweging, voeding, middelengebruik en sociale contacten. De resultaten laten zien dat er op verschillende gebieden zorgen zijn. Vooral de ervaren schooldruk is hoog. Maar de onderzoekers sloegen vooral alarm om de dalende acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren. Welke cijfers zitten er achter deze zorgen?

Een positieve houding over homoseksualiteit
halveert bij jongens

Jarenlang werd homoseksualiteit onder jongeren steeds meer geaccepteerd. In 2025 zien we daar een duidelijke verandering in. Vooral onder jongens in het voortgezet onderwijs is de afname hiervan opvallend. In 2021 had 40% van de jongens een positieve houding tegenover homoseksualiteit. In 2025 is dat nog maar 22%; bijna een halvering. Ook onder meisjes daalde de acceptatie: van 78% in 2021 naar 51% in 2025

De gevolgen van deze cijfers worden duidelijker als we kijken naar de vragen achter deze percentages. Zo vindt in 2025 44% van de jongens dat homoseksuele jongeren hun vrienden mogen zijn. In 2021 was dat nog 64%. Ook is gevraagd hoe jongeren reageren op twee jongens of twee meisjes die met elkaar zoenen. 61% van de jongens geeft aan dit vies te vinden als het om twee jongens gaat. Als het om twee meisjes gaat, geeft 52% van de jongens aan dit vies te vinden. Ter vergelijking: 12% vindt het vies als een jongen en een meisje met elkaar zoenen. Om het verschil nog wat concreter te maken, vertalen we het naar de praktijk: in een gemengde klas met dertig leerlingen zouden er in 2021 ongeveer veertien een positieve houding tegenover homoseksualiteit hebben gehad. In 2025 zijn dat er ongeveer elf.  Voor LHBTQ+-jongeren kan een minder positieve houding in hun omgeving betekenen dat zij zich minder veilig of geaccepteerd voelen. Daarom blijft aandacht voor inclusie, diversiteit en een veilige schoolomgeving een belangrijk onderwerp.

Hieronder de cijfers voor 2025 (groen) en 2021 (paars) uit het HBSC-rapport:

 

Over welke ontwikkelingen lezen we nog meer?

1. School wordt steeds minder leuk voor middelbare scholieren

Ook de manier waarop jongeren naar school kijken is veranderd. Leerlingen in het voortgezet onderwijs vinden school steeds minder leuk. In 2021 gaf 72% van de scholieren aan school leuk te vinden. In 2025 is dat gedaald naar 64%. De daling is al sinds 2013 zichtbaar en is vooral aanwezig onder de meisjes.  De ervaren druk en de sfeer tussen leerlingen kunnen hier een rol bij spelen. Ook wordt er meer gepest. Voor scholen is het daarom een belangrijke vraag hoe zij ervoor kunnen zorgen dat leerlingen zich weer prettiger gaan voelen.

 

 

 

2. Meer dan de helft van de meisjes voelt veel druk door schoolwerk

Schooldruk blijft een groot onderwerp onder de jongeren. Van de meisjes geeft 54% aan regelmatig veel druk te ervaren door schoolwerk. Bij jongens is dat lager, met 36%. Omgerekend naar een klas van dertig leerlingen betekent dit dat ongeveer acht meisjes en vijf jongens veel druk ervaren door schoolwerk zoals toetsen, opdrachten en verwachtingen van anderen. Jongeren die veel schooldruk ervaren, geven ook vaker aan last te hebben van klachten als stress, slaapproblemen en een slecht humeur. Het verschil tussen jongens en meisjes is hier duidelijk zichtbaar, waarbij meisjes de meeste klachten ervaren.

3. Meisjes voelen zich bijna drie keer zo vaak eenzaam als jongens

Op verschillende onderdelen van mentale gezondheid zijn de verschillen tussen jongens en meisjes groot. Meisjes geven hun leven gemiddeld een 6,8, tegenover een 7,7 onder jongens. Daarnaast geeft 37% van de meisjes aan een laag emotioneel welbevinden te hebben. Bij de jongens is dat 16%. Ook eenzaamheid komt vaker voor bij meisjes. 15% van de meisjes voelt zich meestal of altijd eenzaam, tegenover 6% van de jongens. Daarmee ligt het percentage bij meisjes bijna drie keer zo hoog als bij jongens.

4. Middelbare scholieren ontbijten minder, maar eten wel meer fruit

Steeds minder middelbare scholieren ontbijten op doordeweekse dagen. In 2025 geeft 63% aan dagelijks te ontbijten. Dat is het laagste percentage dat tot nu toe is gemeten. Op de basisschool ligt dit percentage met 86% een stuk hoger. Dat betekent dat ongeveer vier op de tien middelbare scholieren niet elke schooldag ontbijten. Bij fruit zien we juist een positieve ontwikkeling: 54% van de basisschoolleerlingen en 35% van de middelbare scholieren eet iedere dag fruit. Ook dit is het hoogste niveau dat tot nu toe is gemeten. De ontwikkelingen gaan dus niet overal dezelfde kant op. Het ontbijt wordt vaker overgeslagen, terwijl het dagelijks eten van fruit juist toeneemt.

5. Meer meisjes dan jongens roken en vapen

Roken, vapen en alcoholgebruik komen nog steeds voor onder jongeren, vooral onder de middelbare scholieren. In 2025 heeft 17% van de middelbare scholieren ooit gerookt. Sinds 2021 is daar weinig in veranderd. Opvallend daarbij is dat meisjes vaker aangeven ooit gerookt te hebben (19%) dan jongens (14%). Bij vapen zien we andere ontwikkelingen. In 2021 had 14% van de middelbare scholieren ooit een vape gebruikt. In 2025 is dit gestegen naar 22%. Goed nieuws: het alcoholgebruik onder jongeren tot en met 16 jaar is juist afgenomen. In 2021 had 48% van de middelbare scholieren ooit alcohol gedronken. In 2025 is dit gedaald naar 39%.

6. Jongeren maken zich zorgen over de wereld

Jongeren houden zich ook bezig met wat er in de wereld gebeurt en maken zich daar zorgen over. 11% geeft aan zich vaak zorgen te maken over klimaatverandering. Bij zorgen over de woningmarkt en oorlogen ligt dit percentage op 22%. Meisjes maken zich over het algemeen vaker zorgen dan jongens. Vooral 16-jarigen maken zich vaker zorgen over de huizenmarkt: 38% geeft aan zich hier zorgen over te maken. Het is voor het eerst dat HBSC deze vragen over ontwikkelingen in de wereld heeft meegenomen. Daarom kunnen we nog niet zeggen of deze zorgen over hun toekomst onder jongeren het afgelopen jaar zijn toe- of afgenomen.

Wel laat een artikel van Youngworks zien dat klimaatverandering jongeren op verschillende manieren bezighoudt. Sommige jongeren ervaren bijvoorbeeld klimaatverlamming: ze maken zich zorgen over het klimaat, maar hebben tegelijkertijd het gevoel dat ze zelf weinig kunnen doen aan het probleem. Meer hierover lees je in ons artikel: Klimaatverlamming onder jongeren.

Wat betekenen deze inzichten?

De resultaten van het HBSC-onderzoek 2025 laten een wisselend beeld zien. Op sommige gebieden gaat het goed, maar op andere zien we duidelijke redenen voor zorg. Schooldruk, eenzaamheid en mentale gezondheid komen in verschillende resultaten terug. Ook de zorgen die jongeren hebben over hun toekomst vallen op. Tegelijkertijd zijn er ook positieve ontwikkelingen, zoals de toename van het dagelijks eten van fruit en de afname van alcoholconsumptie.

Een ander opvallend verschil is dat meisjes op verschillende gebieden vaker problemen rapporteren dan jongens. Zij ervaren vaker druk door school, voelen zich vaker eenzaam en geven vaker aan een laag emotioneel welbevinden te hebben. Daar schreven we al eerder over naar aanleiding van het vorige HBSC-onderzoek: Forse verslechtering mentale gezondheid meisjes.

De cijfers geven vooral een beeld van trends en verschillen tussen groepen. Achter de percentages zitten natuurlijk individuele jongeren, met ieder hun eigen ervaringen en verhalen. Het is daarom belangrijk om de cijfers als uitgangspunt te gebruiken en ook te kijken naar wat jongeren zelf vertellen over hun leven, school en hun toekomst.

Andere opvallende cijfers:

  • Pesten: 3% van de leerlingen geeft aan vaak iemand anders te pesten. 10% van de basisschoolleerlingen en 7% van de middelbare scholieren wordt vaak gepest.
  • Psychische klachten: de helft van de middelbare scholieren heeft wekelijks psychische klachten, zoals zich ongelukkig voelen of moeite hebben met slapen.
  • Seksuele ervaring: 6% van de jongeren onder de 16 jaar in het voortgezet onderwijs heeft ooit seks gehad.
  • Sociale media: ruim één op de drie leerlingen heeft gedurende de hele dag contact met anderen via sociale media.
  • Migratieachtergrond: jongeren met een migratieachtergrond rapporteren op meerdere thema’s minder gunstige uitkomsten. Zo ervaren ze bijvoorbeeld minder steun van hun gezin en vrienden. Ook geven zij minder vaak aan makkelijk met familieleden te kunnen praten.

Meer over jongeren?

Al sinds 1999 helpt Youngworks organisaties om jongeren beter te begrijpen en bereiken. Met een team van onderzoekers, adviseurs en trainers vertalen we inzichten over jongeren naar concrete strategieën en interventies. Of het nu gaat om studiekeuze, arbeidsmarkt, motivatie of gedragsverandering we helpen je begrijpen wat jongeren beweegt en hoe je daar effectief op inspeelt.

Onze kennis delen we via blogs, longreads en boeken voor iedereen die werkt aan de toekomst van jongeren.

Wil jij je met collega’s verdiepen in dit onderwerp? Neem dan zeker contact met ons op.